Witte bonenschotel met maïs en pompoen

500 gr witte bonen
3 eetlepels olijf- of zonnebloemolie
1 schoongemaakte en kleingesneden ui
2 eetlepels paprikapoeder
3 ontvelde en in stukjes gesneden tomaten
1/2 theelepel gedroogde oregano
500 gr schoongemaakte en in kleine blokjes gesneden pompoen
150 gr maïskorrels uit blik, uitgelekt
zout, peper

Week de witte bonen een nachtje in een pan met ruim koud water. Kook de witte bonen in ± 1 uur in het weekwater gaar. Laat de bonen uitlekken en vang het kookvocht op.
Verhit de olie in een pan en fruit hierin de kleingesneden ui 3 minuten. Roer de paprika door de gefruite ui. Voeg de stukjes tomaat en de oregano toe. Draai de hittebron laag en laat het mengsel onder nu en dan doorroeren ± 10 minuten zachtjes sudderen tot een vrij dikke saus is ontstaan.
Vermeng de uitgelekte witte bonen in een pan met de tomatensaus, de blokjes pompoen en zoveel van het opgevangen kookvocht van de witte bonen dat alles net onder staat. Breng het geheel aan de kook. Draai de hittebron laag, leg een deksel op de pan en laat alles 15 minuten zachtjes koken tot de blokjes pompoen volkomen gaar zijn. Voeg de maïskorrels toe, maak het geheel op smaak met wat zout en peper en laat het gerecht nog 5 minuten zachtjes doorkoken.
Serveer de bonenschotel in soepborden.

Toemis bontjie

(3-4 personen)

750 gr sperziboontjes
250 gr doorregen varkenslapjes
11/2 eetlepel olie
2 uien
2 teentjes knoflook
1 madame Jeanettepeper
1 theelepel suiker
4 eetlepels ketjap manis
1 bouillonblokje
1 kleine theelepel kentjur
zout
Was de sperzieboontjes en maak ze schoon.
Snijd het vlees in stukjes en bak die in de olie.
Bak, als het vlees licht begint te bruinen, de gesnipperde ui, knoflook en peper mee.
Voeg, als de uitjes goed doorbakken zijn, de suiker, de ketjap, het bouillonblokje, de bonen en de ketjur toe.
Stoof de boontjes gaar, proef ze en voeg zo nodig zout toe.
Serveer er witte rijst bij.

desgewenst kunt u de peper door zwarte peper vervangen. Door de peper heel te laten, kunt u de scherpe pepersmaak echter aanzienlijk verminderen.

Surinaamse zuurkool

(3 personen)

500 gr zuurkool
350 gr varkensvlees of doorregen varkenslapjes
50 gr bakboter
1 ui
1 tomaat
1 kippenbouillontablet
4-5 aardappelen
peper, zout

Snijd het vlees in stukken en braad het aan.
Voeg, als het vlees bruin is geworden, de gesnipperde ui en de in stukjes gesneden tomaat toe en braad ze mee.
Schil de aardappelen, snijd ze in vieren en doe ze met de zuurkool bij het vlees.
Voeg dan 2 kopjes water en het bouillontablet toe en laat stoven.
Als de aardappelen gaar zijn, is het gerecht klaar.
Breng het op smaak met peper en zout en serveer het met witte rijst.


Kouseband met zoutvlees

750 gr kouseband
250 gr zoutvlees of pekelvlees
1 ui
1-2 teentjes knoflook
2 eetlepels olie
l/2 theelepel ve-tsin
zout, zwarte peper
1/2 verse peper

Laat het zoutvlees gedeeltelijk ontzouten door het een uur in koud water weg te zetten.
Gebruikt u het gemakkelijker te verkrijgen pekelvlees, zet het dan enkele uren weg om te ontzouten.
Maak de kouseband schoon en snijd ze in stukken van 6 cm.
Snipper de ui en de knoflook fijn.
Droog het pekelvlees goed af, snijd het in blokjes en bak het in de hete olie.
Voeg de ui en knoflook toe en fruit tot ze goudgeel zijn.
Doe de kouseband erbij met de ve-tsin, iets zout (dit kan worden weggelaten) en zwarte peper en roerbak dit 3 minuten.
Voeg een scheut water en de verse peper toe en kook de groente en het vlees in 15-20 minuten gaar.
Verwijder na 5 minuten koken de verse peper.
Giet de groente af en serveer het gerecht met witte rijst, sambal en gebakken banaan.


Gestoofde kouseband Sranan

750 gr kouseband *
1 ui
40 gr boter
1 bouillonblokje
100 gr gepelde garnalen
zwarte peper

Snijd de schoongewassen kouseband in schuine stukken van 3 cm.
Snipper de ui en fruit die in de boter goudgeel.
Voeg de kouseband toe en laat die even mee fruiten.
Schenk een bodempje water in de pan en voeg het bouillonblokje toe.
Laat het geheel 15 minuten zachtjes koken.
Voeg dan de garnalen toe, warm ze even door en maak het gerecht af met zwarte peper.
Lekker met gekookte rijst.


Kouseband Krioro

400 gr kouseband
150 gr zoutvlees
2 eetlepels olie
1 gesnipperde ui
zwarte peper
1 kippenbouillontablet

Snijd het vlees in stukjes en kook het voor.
Was de kouseband, verwijder de uiteinden en snijd ze, schuin of recht, iets dikker dan snijbonen.
Laat de olie goed heet worden en bak het vlees hierin zachtjes ± 15 minuten.
Voeg daarna de ui toe en schep alles op hoog vuur flink om.
Voeg de gesneden kouseband toe.
Verkruimel het bouillontablet en voeg het, eventueel met wat water toe.
Laat het gerecht met het deksel op de pan zachtjes 15-20 minuten smoren.
Breng het op smaak met zwarte peper en/of nootmuskaat.


Komro komro tapoe asing I

(Komkommerpickles)

2 komkommers
6 pimentkorrels
8 kruidnagels
3 laurierblaadjes
azijn
verse peper
1 eetlepel suiker
zout

Was de komkommers, schil ze niet en snijd ze in de lengte in tweeën.
Snijd nu van elke helft schuine plakjes van ± 1 cm dikte.
Doe de gesneden komkommer in een pan, samen met de pimentkorrels, de kruidnagelen en de laurierblaadjes.
Doe water in de pan, verhit de komkommer tot het kookpunt en haal deze daarna van de warmtebron. Het water mag niet koken.
Doe de komkommer daarna in een stopfles of iets anders dat goed sluit.
Leng de azijn aan met het vocht waarin u de komkommer heeft verhit en doe dit bij de komkommer, samen met de in ringen gesneden peper en de andere ingrediënten.
Laat de komkommer nu minstens een halve dag trekken.


Komro komro tapoe asing II

(Om direct te gebruiken)

azijn
zout
1 eetlepel suiker
1 teentje knoflook
1 stukje gember
1 ui
1 komkommer
1 paprika
1 verse peper

Vermeng de azijn met zout, de suiker, de uitgeknepen knoflook, de gember en de kleingesneden ui.
Was de komkommer en de paprika, snijd of schaaf de komkommer in dunne plakjes en snijd de paprika in kleine blokjes.
Snijd de peper ook even klein en doe alles bij elkaar.


Roti met dhal

200 gr gele spliterwten
3 teentjes knoflook
2 theelepels komijnzaadjes
400 gr bloem
2 theelepels bakpoeder
2 theelepels zout
± 2 dl water

Week de spliterwten een nacht, kook ze de volgende dag in ± 25 minuten gaar en laat ze afkoelen.
Maal de erwten met 1 theelepel zout, de knoflook en de komijn in een keukenmachine fijn.
Meng de bloem met het bakpoeder en de rest van het zout.
Maak in het midden een kuiltje, schenk het water erin en kneed tot een glad deeg.
Vorm er balletjes van ter grootte van een ei.
Druk ze plat, leg wat erwtenmengsel in het midden, druk het goed aan en rol ze uit tot een pannenkoek.
Verhit de rotiplaat (of een koekenpan met een dikke bodem) en smeer hem in met een mengsel van boter en olie.
Bak de roti’s goudgeel en gaar (ze staan dan een beetje bol).
Roti wordt gegeten met masala kip en kouseband.


Met gele erwten gevulde roti

3 dl water
2 eetlepels masala
500 gr zelfrijzend bakmeel
150 gr gele erwten
1 eetlepel gemalen komijnzaad
2 theelepels knoflook
zout
1 dl olie
peper

Kneed het bakmeel met het water, vorm er bolletjes van, maak er een kuiltje in en doe er 1 eetlepel van de vooraf gemaakte gele erwtenvulling in.
Maak de met de duim gemaakte opening dicht en rol het bolletje met een deegrol op een met bloem bestoven ondergrond uit.
Leg de roti in een hete koekenpan tot hij lichtbruin is geworden.
Besmeer de roti met een beetje olie.
Hierna is de andere zijde van de roti aan de beurt.
Bak beide zijden goudgeel.
Eet er masalakip bij.

De gele erwtenvulling maakt u door na de erwten te hebben gewassen, deze te koken tot ze halfgaar zijn, te drogen en vervolgens fijn te malen.
Hierna voegt u er de knoflook, het komijnzaad, peper en zout aan toe.

Zie ook: Kip in masala.