Rundvlees uit de wok

4 grote gedroogde Chinese paddestoelen
500 gr mager runderlapjes
1/2 rode, groene en gele paprika
1 bosje lente-uitjes
250 gr bleekselderij
1 teentje knoflook
een stukje gember
4 eetlepels sesamolie
25 gr cashewnoten
2 eetlepels sojasaus
2 eetlepels rijstwijn (of droge sherry)
zout, peper

Leg de paddestoelen in warm water en laat ze 30 minuten wellen (ververs het water regelmatig).
Was intussen het vlees, dep het droog en snijd het in reepjes.
Was de groenten en maak ze schoon.
Snijd de paprika's in reepjes, de uitjes in ringen en de selderij in plakjes.
Maak de knoflook en de gember schoon en snijd ze fijn.
Haal de paddestoelen uit het water en snijd de harde steel eraf.
Was de paddestoelen onder de kraan, dep ze droog en snijd ze in zeer dunne reepjes.
Verhit de olie in een wok.
Bak hierin de noten tot ze gaan geuren en haal ze dan uit de wok.
Bak het vlees al omscheppend in de rest van de olie gaar.
Voeg de groenten, de knoflook en de gember toe en bak ze knapperig.
Blus met sojasaus en rijstwijn, breng het gerecht op smaak en laat het al roerend nog 3 minuten bakken (voeg eventueel nog wat water toe).
Verdeel het vlees over de borden en strooi er de noten over.