
2 kalfswangetjes (+/- 600 gr)
1 grote ui voor de marinade
1 geplet teentje knoflook voor de marinade
1/2 fles volle rode wijn voor de marinade
2 middelgrote uien, grof gesneden plus de gemarineerde stukken ui
1 winterwortel, in schijfjes van een halve centimeter
1 stengel bleekselderij, in stukjes van 1 cm.
100 gr knolselderij in blokjes van 1 cm.
100 gr gerookte spekblokjes
100 gr gedroogde pruimen
1 potje kalfsfond (350 ml) of runderbouillon
1 eetlepel tomatenpuree
2 laurierblaadjes
takje tijm (optioneel)
peper
Ontvlies de wangen en snijd de dikkere vetlaagjes eraf. Het dunne vetlaagje mag blijven zitten.
Laat 24 uur marineren in de wijn met knoflook en ui.
Haal de volgende dag de wangen uit de marinade. Zeef de marinade en bewaar de wijn. De wangetjes droogdeppen en door de bloem wentelen.
Aanbakken in half roomboter en half olie.
Niet zuinig zijn met bakvet. Haal het vlees uit de pan en apart zetten.
Voeg de wortel, ui, bleekselderij, knolselderij, tomatenpuree en spekblokjes aan het braadvet toe en bak deze even aan. Afblussen met de marinade.
De gedroogde pruimen, laurierblaadjes en de kalfsfond toevoegen en zet de afgedekte pan of schaal in de oven met een temperatuur van rond de 80 graden of in de slowcooker op de lage stand.
Slowcookers zonder temperatuur instelling in de stand LOW (let op niet de warmhoudstand!) of stel de temperatuur in op 80 graden.
Stel de timer in op 8 uur en controleer dan of de gewenste gaarheid is bereikt.
Haal de laurierblaadjes en indien gebruikt het takje tijm eruit, mix met de staafmixer en de inhoud tot een dikke saus. Wilt u wat ‘structuur’ in de saus gebruik dan de helft om te mixen.
Lekker met aardappelpuree, knolselderpuree of hutspot.